Diversische sprookjes deel 2
Uitgeverij Elmar B.V.
Rijswijk, 1996
ISBN 90389 05009
uitverkocht
“Neem dit maar,” zei ze, “Ik ben te oud om er nog wat mee te doen, en
wie weet heb je er in je jonge leven nog veel plezier van.”
De jongens namen het geschenk aan, bedankten haar allerhartelijkst,
en daarna scheidden hun wegen.
De jongen die linksaf was geslagen had die dag nog een fiks eind
gelopen, toen hij een verlaten houthakkershutje aan de rand van het
bos vond. Nadat hij uit zijn knapzak het meegenomen brood had
genuttigd haalde hij het doosje tevoorschijn; hij bewonderde het van
alle kanten en maakte het open. Binnenin zag hij een klein spinnetje.
Dit verwonderde hem zeer, want hoewel hij van eenvoudige komaf was
en bezit hem niet veel zei, had hij verwacht iets van grote waarde aan
te treffen. Voorzichtig haalde hij het spinnetje te voorschijn en zette
het diertje op een halfvergane balk, niet te dicht bij het tochtige raam, om
hem de gelegenheid te geven een web te maken. Meteen ging het ijverig aan
de gang met het maken van zijn lange dunne draad, en geboeid
keek de jongen toe: een spin die zomaar een web weeft,
dat is niet niks, al heb je het honderd keer gezien.