Kind van twee Heksen
Uitgeverij Elmar B.V.
Rijswijk, 1996
ISBN 90389 05009
met Illustraties
van Dirkje Kuik
Heksen
Tweehoog in een flatje aan de rand van de stad woonden twee
heksen: Triolet en Villanel. Ze zagen er niet anders uit dan andere
mensen; ze droegen gewone kleren en deden gewone dingen. Dat deze
twee vrouwen konden toveren was aan de buitenkant niet zo een twee
drie te zien.
Triolet was vriendelijk. Ze was klein van stuk waardoor ze een beetje
dik leek. Ze liep altijd met een schommelende gang. Als ze achter
haar vriendin liep moest ze hollen omdat die stevig doorstapte. Dan werd
ze een beetje rood en begon ze te puffen.
Villanel was een boze heks. Ze was lang en mager, ze kleedde zich in donkere kleuren.
Als ze kwaad werd vloog al het glaswerk door de kamer, maar dan
kwam Triolet en met een simpele spreuk was alles weer aan kant.
Zo leefden ze al jaren samen, en het was altijd goed gegaan.
Triolet en Villanel hoorden bij elkaar als twee zussen, ze waren aan elkaar gewaagd.